Sociale vaardigheidstraining

Sociale vaardigheidstrainingDe trainingen bestaan uit 8 à 10 trainingsbijeenkomsten van 1,5 uur afhankelijk van de gewenste inhoud van de training.

Sociale Vaardigheidstraining is er op gericht manieren en gedrag aan te leren hoe je op een goede manier met andere mensen in verschillende situaties kunt omgaan.

Voor jezelf opkomen
Moeilijke situaties komt iedereen tegen in de omgang met andere mensen. Sommige kinderen of jongeren ervaren zoveel problemen in het omgang met andere mensen waardoor ze zich echt ongelukkig gaan voelen. Het komt vaak voor dat het kinderen en/of jongeren maar slecht of helemaal niet lukt om voor zichzelf op te komen. Ze worden gepest of ze zijn niet in staat nee te zeggen wanneer hun vrienden of vriendinnen iets van ze vragen dat ze eigenlijk niet willen.

Zorgen van anderen
Het komt ook voor dat kinderen en/of jongeren zelf geen problemen ervaren maar hun ouders of anderen in hun omgeving dat wel doen. Men heeft zorgen over het misschien wel hele brutale gedrag of vinden dat hun kind of leerling zich slecht aan de regels houdt of te agressief reageert wanneer dingen tegen zitten.

Een sociale vaardigheidstraining biedt de deelnemer de mogelijkheid inzicht te krijgen in de verschillende situaties in relatie tot anderen en oefent de deelnemer met diverse sociale vaardigheden.

Individueel en groep
HUUB. biedt de sociale vaardigheidstraining in zowel individuele – als in groepsgerichte training aan . Onderwerpen die vaak behandeld worden in een sociale vaardigheidstraining zijn o.a.

  • Opkomen voor mijzelf.
  • Omgaan met vrienden.
  • Omgaan met pestgedrag
  • Omgaan met druk uit de groep
  • Omgaan met gezag
  • Omgaan met boosheid
  • Gesprekken voeren
  • Omgaan met emoties
  • Toekomstplannen
  • Zelfvertrouwen

Compententiemodel
De Sociale vaardigheidstraining is gebaseerd op het sociaal competentiemodel. Mensen zijn competent als ze over voldoende vaardigheden beschikken om de taken waarmee deze in het dagelijkse leven worden geconfronteerd op adequate/effectieve wijze weten in kunnen vullen.

De vaardigheden en de vaardigheidstekorten van de deelnemer worden in het begin van de bijeenkomsten via een competentieanalyse in beeld gebracht en vormen het vertrekpunt van de training.

Opbouw van de training

  • 1e bijeenkomst; intakegesprek naast de deelnemer(s) zijn ouders en/of opdrachtgever bij dit gesprek aanwezig.
  • 2e gesprek : Verzamelen van informatie door de trainer die gebruikt wordt bij de totstandkoming van het trainingsplan. Het trainingsplan wordt gedeeld met deelnemer ouders en/of opdrachtgever
  • Gedurende de opeenvolgende bijeenkomsten worden komen de verschillende trainingsonderwerpen aan bod. Er wordt gebruik gemaakt van de verschillende trainingsinstrumenten zoals o.a. video, spelvormen, gesprekken, het uitspelen van situatie en eventueel worden video-opname gemaakt en teruggekeken afhankelijk van het soort training.
  • Er vindt zo nodig nog een tussentijdsgesprek plaats met ouders/en of opdrachtgever om de voortgang van de training als de ontwikkelingen in de thuissituatie te bespreken.
  • Bij het afsluiten van de training wordt er door de trainer een trainingrapportage opgesteld. De rapportage wordt tijdens de laatste trainingsbijeenkomst besproken met de deelnemer. In de rapportage wordt het verloop van de training, de behandelende onderwerpen en wijze waarop die onderwerpen zijn behandeld binnen de training weergegeven. Vertrouwelijk informatie wordt hierin niet opgenomen.
  • Laatste bijeenkomst; Er vind uiteindelijk een eindgesprek plaats waarbij ouders en opdrachtgever aanwezig zijn. Tijdens dit gesprek wordt de training aan de hand van de opgestelde rapportage geëvalueerd en de besproken.
  • Optioneel kunnen er terugkombijeenkomsten ingepland worden.